vrijdag 12 april 2013

Ethiek in de Politiek


Terwijl het Rijk nog volop bezig is met de plannen rond de zorg en met name het beteugelen van de zorgkosten, las ik in de krant dat de Adviescommissie Pakket weer voor één van haar 10 vergaderingen per jaar bij elkaar was gekomen. In deze commissie wikken en wegen zes externe deskundigen in een openbare zitting over de adviezen van het College voor Zorgverzekeringen of de gevolgen van deze voorstellen maatschappelijk aanvaardbaar zijn voordat ze naar de minister van VWS gaan.

Kort gezegd wordt er gesproken over welk prijskaartje je aan gezondheid mag hangen, met andere woorden: wat mag een mensenleven waard zijn? Soms gaat het om behandelingen van levensbedreigende ziekten soms om preventieve middelen zoals bijvoorbeeld zonnebrandmiddelen. Bij discussies over zorg wordt heel snel het pad ingeslagen of marktwerking nu wel of niet bijdraagt aan minder kosten en betere kwaliteit van de zorg. In een eerdere column heb ik daar al iets over geroepen.

Echter de discussies zoals die plaats vinden in de bovengenoemde commissie bevinden zich veel meer op het ethische vlak. Ethiek houdt zich bezig met wat goed en kwaad is. Dagelijks nemen we allerlei beslissingen, wat een goede keuze is, is soms heel eenvoudig maar vaak ook heel moeilijk. Het oordelen over welke behandeling nu wel of niet vergoed mag worden uit de zorgverzekering, wat is kwaliteit van leven en allerlei andere dilemma’s liggen dus op het bordje van 6 deskundigen (waarbij je de vraag mag stellen hoe onafhankelijk het advies van deze commissie is als drie van de leden van deze commissie bij wet bepaald ook bestuurslid van het College voor Zorgverzekeringen zijn). De nauwe verbintenis tussen politiek en ethiek werden al door Plato en Aristoteles beschreven, maar liggen ze nu in elkaars verlengde, heeft de politiek haar eigen ethiek en hoe bepaalt een ideologie van een partij de opstelling in ethische kwesties? 

Als PvdA politicus heb je een bepaald beeld van een rechtvaardige samenleving, vaar je op sociaal democratische beginselen, zoals solidariteit, recht op een fatsoenlijk bestaan en vrijheid als kompas maar moet je je soms ook afvragen of het doel altijd de middelen heiligt. In het geval van de zorg en wat wel of niet vergoed moet worden schiet het kompas of de sociaal democratische meetlat toch een beetje tekort en blijft het zoeken naar de juiste beslissing. Op zoek dus naar je innerlijke kompas met daarbij ter relativering de woorden van de oude wijze Socrates: “ Ik weet slecht één ding: dat ik niets weet”