woensdag 16 november 2011

Kent de zorg a happy end?


Iedereen kent vast het sprookje van Hans en Grietje nog wel. De beide kinderen, achtergelaten in het bos, komen bij een huisje – gemaakt van brood, met een dak van koek en ramen van witte suiker – en stillen hun honger door van het huisje te eten. Aan dit sprookje moest ik denken toen ik onlangs in de Volkskrant een interview met SCP-directeur Paul Schnabel las. Schnabel suggereerde dat mensen met een eigen huis de waarde daarvan te gelde kunnen maken om hun zorg te betalen. Anders gezegd, zij kunnen hun eigen huis opeten.
Ook oud-minister van Financiën en tegenwoordig zorgexpert voor accountantskantoor KPMG, Wouter Bos, kwam met een aantal suggesties om iets te doen aan de alsmaar stijgende zorgkosten. Volgens Bos kunnen we de kosten delen door meer ruimte te maken voor particuliere investeerders, alhoewel dat meteen vragen oproept over de toegankelijkheid van de zorg voor iedereen.
In opdracht van de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg deed KPMG een achtergrondstudie bij het advies ‘Medisch-specialistische zorg in 20/20’. Titel van de achtergrondstudie: ‘Ziekenhuislandschap 20/20. Niemandsland of droomland’. Of we echt een land worden ‘waar geen leed kan bestaan’ is maar de vraag. Ook oud-minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) Ab Klink gaat zich hier (wederom) over buigen. Bij het internationale strategische adviesbureau Booz & Company zal hij zijn sectorkennis en inzichten inzetten voor de strategische advisering over urgente vraagstukken in de zorgsector.
Afgelopen week vond in de Tweede Kamer de behandeling van de begroting van VWS plaats. Volgens de twee bewindsvrouwen op deze portefeuille moet de zorg anders en slimmer. Anders: eerst kijken wat je zelf kunt doen. Slimmer: ziekenhuisbehandelingen concentreren en meer buurtzorg. Op deze wijze hopen ze te voorkomen dat de zorg straks onbetaalbaar is. Ondertussen laten zij steeds meer marktwerking in de zorg toe, vanuit het adagium dat financiële prikkels tot betere zorg zullen leiden. Maar gaat dit daadwerkelijk betere kwaliteit in de zorg voor de patiënt opleveren?
De Organisatie voor Europese Samenwerking en Ontwikkeling (OECD) concludeerde in 2010 dat landen met marktwerking in de zorg even goed presteren als landen met overheidssturing. 14 van 29 OECD-landen kennen vooral marktwerking en 15 vooral overheidssturing. De beste 4 presterende landen binnen de OECD zijn Australië, Japan, Korea en Zwitserland. DE OECD heeft uitgerekend dat als alle OECD-landen net zo goed presteren als deze 4, de gemiddelde levensverwachting zal toenemen met 2 jaar, zonder dat de zorgkosten stijgen!
Nog even doorstuderen op het effect van marktwerking voor kwaliteit zorg
Voor de meeste OECD-landen geldt dat zij centrale overheidssturing combineren met marktwerking. De beleidsinstrumenten die zij inzetten komen vaak voort uit fiscale, dan wel politieke afwegingen en niet perse vanuit de optiek van betere kwaliteit in de gezondheidszorg. Landen met vergelijkbare stelsels blijken vaak heel verschillend te presteren. Laten de oud-ministers dus nog maar even doorstuderen op dit thema, dan leven wij straks allemaal lang en gelukkig...

Bron:
OECD (2010) ‘Health Care Systems. Efficiency and Policy Settings’

Geen opmerkingen:

Een reactie posten